Leesstoornissen in het algemeen, waaronder ook dyslexie.

 

Lezen begint bij het goed kunnen zien.


Om goed te kunnen lezen is het noodzakelijk dat het beeld stilstaat en scherp blijft, er geen verspringingen of verschuivingen optreden en de regels nauwkeurig gevolgd kunnen worden.

Bij leesstoornissen, hetzij bij het léren lezen in het begin of blijvend moeilijk lezen, hetzij dat deze op latere leeftijd ontstaan bijvoorbeeld ten gevolge van trauma, ziektes zoals CVA en dergelijke ligt hierin vaak een probleem. Bij dyslexie komt dit nog duidelijker naar voren. Een Utermöhlen-prismabril is hierbij een waardevol hulpmiddel.

LET WEL: Omdat bij dyslexie sprake is van een vertraagde automatisering van complexe taken, zoals o.a bij lezen, schrijven en veel fijn-motorische verrichtingen, is een multidisciplinaire aanpak vaak noodzakelijk. Naast remedial teaching en orthopaedagogische hulp moet er dus ook altijd aandacht zijn voor de motorische, auditieve en visuele componenten.

LET WEL: een drager van een Utermöhlen-prismabril hoeft niet per definitie dyslectisch te zijn.

Achtergronden:
Het tekortschieten van deze oogcoördinatie bij dyslexie is in de literatuur uitvoerig beschreven door o.a. Pavlidis, Fowler, Kuipers en Levinson en recent door Braswell. Deze onderzoekers toonden daarbij een verband aan tussen een gestoorde samenwerking van ogen (visuele) en evenwicht (vestibulaire), waardoor er onvoldoende controle over het opnemen en verwerken van de visuele beelden ontstaat, met als gevolg leesproblemen.
In recentelijke publicaties spreken onderzoekers ook wel van een visuele ruis, waardoor de zuivere waarneming en verwerking van de visuele prikkels bij dyslectici bemoeilijkt wordt.

Onlangs is ook aan getoond (bij Franse en Engelse kinderen en ook aan de UVA), dat dyslectici problemen hebben met de "visuele aandachtsspanne". Dat is het aantal letters of cijfers dat verwerkt kan worden in één oogopslag. Dat geeft natuurlijk ook problemen bij het spellen van de langere woorden en het  "vooruit -kijken" naar het volgende woord en/of gedeelte van de zin, waardoor de leesvaardigheid nog meer belemmerd wordt.


Vanuit de fysiologie is bekend, dat signalen vanuit de oogspieren, het netvlies en het evenwichtsorgaan in de kleine hersenen aankomen en zodanig verwerkt worden, dat het beeld scherp en stil blijft staan (vestibulo-oculaire reflex). Dit is essentieel, immers als wij kijken spelen altijd oog- en hoofdbewegingen en /of  bewegende beelden een rol. Bij een oogcoördinatieprobleem is dit controlesysteem gestoord en treedt er een discrepantie op tussen de bijdrage door het visuele en vestibulaire systeem aan de waarneming en ook aan de ruimtelijke oriëntatie.

Aanwijzingen voor deze oogcoördinatie-problemen zijn:
- het overslaan van regels of woorden (vaak kleine woordjes);
- het te veel en te lang blijven spellen;
- het vaker moeten lezen van de tekst om de inhoud te begrijpen;
- het niet lang achter elkaar kunnen lezen of halverwege de tekst steeds meer fouten maken;
- vaak wordt er geklaagd over dansende letters of wazig worden van de tekst;
- door de tekortschietende visuele aandachtsspanne kan het hele woord niet worden overzien, waardoor er radend gelezen wordt;
- het volgende woord is wazig en er kan dus niet vooruitgekeken worden;
- last van tranende, prikkende ogen, in de ogen wrijven;
- hoofdpijn;
- "uitgeblust thuiskomen" na een school- of werkdag of na lang achter de PC zitten;
- In deze groep is het voorkomen van wagenziekte hoger dan gemiddeld (zie onder indicatie wagenziekte).

Bij jonge kinderen zien wij ook vaak:
- oog-handcoördinatieproblemen, zoals moeite hebben met balvangen, knoeien bij het eten, stuntelig zijn (brokkenpiloot), moeite met leren fietsen, schaatsen, zwemmen, of over een luciferstokje struikelen. Daardoor zijn zij vaak onzeker naar de buitenwereld toe of maskeren zij dit door clownesk gedrag.

Hulpmiddel:
Door de Utermöhlen-prismabril kan men de tekst rustiger en zonder de bovenbeschreven klachten lezen, waardoor de lesstof in de hersenen beter verwerkt kan worden. Doorgaans is het voldoende als de bril als lees- en studiebril gebruikt wordt. De bril bewerkstelligt een leereffect, reden waarom de prismata in de loop van enkele jaren kunnen worden afgebouwd.

Multidisciplinaire aanpak:
Uit bovenstaande uitleg ligt het voor de hand, dat elke verdere oefenmethode of behandeling effectiever zal verlopen, als eerst de waarneming geoptimaliseerd is.